Graag uw aandacht voor het volgende.

In de bijlage van dit schrijven treft u een artikel aan dat al eerder aan u werd toegezonden.

Het gaat over de rechten van rokers en tabaksproducenten en over de wijze waarop daarmee door de overheid en allerlei andere organisaties wordt omgegaan. Het artikel gaat daarbij vooral ook over de wijze waarop een kwart van de Nederlanders in de afgelopen jaren werd gemanipuleerd en gediscrimineerd, maar zeker ook over oplossingen die er mogelijk toe zouden kunnen leiden dat aan deze discriminatie een halt wordt toegeroepen.
In een begeleidend schrijven werd toen aan u allen gevraagd, een inhoudelijke reactie op dit artikel te willen geven. Een aantal partijen heeft hierop ook gereageerd. Al deze reacties hadden met elkaar gemeen, dat daarbij in het geheel niet werd ingegaan op de constatering in het artikel, dat de rokers als gevolg van het huidige overheidsbeleid worden gediscrimineerd. Het lijkt erop te wijzen dat de partijen in kwestie, niet nader op dit discriminatieaspect in willen gaan omdat dit in feite niet te ontkennen valt. Dit betekent dan natuurlijk wel dat de tabakswetgeving en het rookbeleid die op deze opvatting zijn gebaseerd, dan wel in strijd komen met het gestelde in Artikel 1 van de grondwet, waarin immers duidelijk staat dat discriminatie op welke grond dan ook nimmer is toegestaan. Een en ander houdt in dat de tabakswet en –regelgeving op gezette tijden aan de grondwet zullen moeten worden getoetst. Omdat het discriminatieproces dat de rokers tot nu toe al in lengte van jaren hebben moeten ondergaan ,met het preventieakkoord en bijbehorende regelingen op een hoogtepunt dreigt te gaan komen, verzoek ik u( omdat dit in ons staatsbestel tot uw taak behoort), aan mij mede te willen delen, of u op een zo kort mogelijke termijn bereid bent om deze akkoorden en regelingen aan de grondwet te (laten) toetsen.

Met dank en ik hoor graag van u.

A.Wurtz
Stichting Rokersbelangen.