Veel gejuich en tromgeroffel bij de gesloten akkoorden van Blokhuis.

De slachtoffers zijn natuurlijk de voluptueuze mens, de alcoholgebruiker en last but not least, de tabak consument . Het wordt een lange weg voor de meer gezette mens, hij/zij die alcohol inneemt en de tabak gebruiker. Het spannende van deze overeenkomst is dat wij er nog niet zijn en de onrust vergroot.
Het akkoord is ondertekend door patiëntenorganisaties, zorgaanbieders, zorgverzekeraars, gemeenten, sportverenigingen en -bonden, bedrijven (welke?) , maatschappelijke organisaties en de Rijksoverheid. Blokhuis begon al een jaar geleden met gesprekken met ruim zeventig maatschappelijke organisaties en bedrijven.
Het is duidelijk dat levensmiddelenfabrikanten, supermarkten, horeca en cateraars geen afspraken willen maken die hun geld kosten en daarom benadrukken ze dat ze de keuzevrijheid van de consument niet willen beknotten.” Ook is het rookakkoord in de ogen van organisaties onevenwichtig en zelfs contraproductief, want aan de rooktafel werd slechts met een soort maatschappelijke organisatie gesproken, een gemiste kans .
Frank Conijn van de gezondheidszorg zei het volgende:
In de horeca mogen zelfs geen rookruimten meer voor e-sigaretten blijven bestaan, terwijl een literatuuronderzoek door de Britse organisatie vond dat die veel minder schadelijk zijn dan roken. En het RIVM berekende in 2006 dat als morgen alle rokers stoppen, de zorgkosten op termijn met 6-12% stijgen. Toch moet een pakje sigaretten 10 euro gaan kosten. Paternalisme in extremo.

Daarentegen gaan de alcoholaccijnzen niet omhoog, terwijl die extreem laag zijn (slechts € 0,09 op een biertje van gemiddeld € 2,43 in de horeca [2016]), en de kosten van overmatig alcoholgebruik, inclusief de politioneel-justitiële, er bij lange na niet door gedekt worden.

Verder zetten de maatregelen tegen het probleem overgewicht nauwelijks zoden aan de dijk. Wat dat wel doet is een (vrijwillige) premiekorting bij een gezond voedings- en beweegpatroon.

Door de korting toe te passen op de nominale ziektekostenpremie, het werkgeversgedeelte ervan (uit te keren aan de werknemer) en de 9,25% inkomstenbelasting op basis van de Wet Langdurige Zorg (de voorheen op de loonstrook gespecificeerde AWBZ-premie), kan een korting flink wat opleveren.

Het akkoord, waarbij een uiterst selectief gezelschap aan maatschappelijke organisaties bij betrokken is geweest, is dus niet alleen ziekelijk betuttelend, maar ook ondemocratisch en een enorme gemist kans.