Enige tijd geleden heeft een van mijn sympathisanten een brief geschreven naar de 2e Kamerleden over het onderzoek van het Trimbos-Instituut waarin de al dan niet bestaande causaliteit tussen roken en sterfte werd onderzocht, en daarnaast ook nog over het overheidsbeleid gaat waardoor rokers worden gediscrimineerd.

Omdat deze causaliteit niet kon worden aangetoond en de discriminatie van rokers ten gevolge van het overheidsbeleid niet weerlegd konden worden, hebben onze politieke partijen er toe gebracht om niet inhoudelijk op genoemd schrijven in te gaan. Dat dit een teleurstellende ervaring voor de schrijver van het artikel moet zijn geweest, laat zich raden. Naar aanleiding daarvan werd door de SRB aan diverse politieke leiders een brief geschreven waarin aan hen gevraagd werd, of zij bereid zijn om dit alles en het preventieakkoord aan Artikel 1 van de grondwet te toetsen.

De VVD, 50+ en GroenLinks hebben in een reactie laten weten dat zij de brief door zullen sturen voor verdere afwikkeling van deze kwestie en ik ben uiteraard in afwachting. Van belang is dat GroenLinks niet lang nodig had voor beantwoording en beargumenteerde dat discriminatie van rokers niet strijdig is met de grondwet, dat roken een persoonlijke keuze is die daarom dus ook door de overheid ontmoedigd mag worden, dat wetten en grondwetten niet aan elkaar getoetst mogen worden en dat het recht op gezondheid zwaarder weegt dan het recht op de vrijheid van handelen en dat het recht op de vrijheid van handelen dus niet meer zou bestaan als het om gezondheid gaat.
Voor de goede orde citeer ik Artikel 1 van de grondwet en die zegt :
Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.
Ook in elders in de Nederlandse wetten staan regelingen over het discriminatieverbod. De belangrijkste uitwerking staat in de artikelen 137 c tot en met 137 h van het Wetboek van Strafrecht. Deze artikelen worden in de praktijk van de rechtszaken gebruikt. Denk aan het begrip 'aanzetten tot haat' dat in de processen tegen Wilders twee keer een grote rol heeft gespeeld.
Graag hoor ik het vervolg.